Maten van strass steentjes.

 

SS3 1.3-1.5 mm

SS5 1.7-1.9 mm

SS8 2.3-2.5mm

SS10 3 mm

SS12 3.2 mm

SS16 4 mm

SS20 4.7 mm

SS30 6.5 mm

SS34 7.069-7.272 mm

SS40 8.412-8.672mm

                        


Werkwijze met leerschuivers

 

Werken met leerschuiven, Joliestijl


Om te werken met leerschuiven, joliestijl is het makkelijk als u van te voren een aantal dingen bedenkt, oa hoe breed u de armband wilt maken. Als u dit weet kunt u bedenken met wat voor materiaal u de armband wilt maken. U heeft de keuze uit:
leerbandjes in verschillende kleuren
leerveters in vershillende kleuren en
waxkoord in verschillende kleuren.

Verder heeft u nodig
leerschuiven in verschillende maten
slotje
lijm
alle benodigde tangen
schaar
evt strass of rivoli stenen


De meeste leerschuiven zijn er in verschillende maten. Hierdoor is het makkelijker te kiezen of u een smalle of brede armband wilt maken. U kunt natuurlijk ook door het combineren van smalle en brede leerschuiven er juist een extra brede armband maken.

De buitenmaten van leerschuiven zijn meestal onder te verdelen in 3 maten, te weten:
9 mm, 14 mm en 18 mm.

Deze leerschuiven zijn prima te beplakken met strass steentjes of rivoli stenen. Deze zijn er in erg veel verschillende maten en kleuren. Hiervoor kunt u de hasulith lijm gebruiken ( Rose tube sieraden lijm).
Ook de sluitingen kunt u met deze lijm vastmaken op de gewenste lengte van de armband.

Om te beginnen rijgt u alle leerschuiven aan en bekijkt het resultaat. Als u tevreden bent met het resultaat, lijmt u de sluitingen goed vast en laat deze tenminste 24 uur goed drogen. Ondertussen kunt u natuurlijk wel eventueel de strass of rivoli stenen op de leerschuivers plakken.

Voor nog meer informatie kunt u kijken op onze boeken pagina, waar ook boekjes te vinden zijn over het maken van sieraden in Joliestijl.


Wij wensen u veel succes en plezier met het maken van uw eigen sieraden!


Uitwerkingen

Deze uitwerkingen zijn gemaakt door klanten van Artasja!
 







Benodigdheden

 
Voor het maken van kettingen, armbanden en bijvoorbeeld oorbellen heb je gereedschap nodig. Een van de belangrijkste dingen zijn de tangen. Je hebt nodig;
  • Een rondbektang voor bv het maken van oogjes en ronde vormen.
  • Een kniptang om nietstiften, kettelstiften en draad gemakkelijk af te knippen.
  • Twee platbektangen voor rechte hoeken, scherpe bochten en bv het sluiten van oogjes.
VKralenborderder is het erg makkelijk als je werkt met een kralenbord. Hierin zijn gleuven verwerkt waarin je als het ware je ketting in neer kunt leggen en met de kralen kunt spelen om het mooiste resultaat te krijgen. Op het bord zijn de centimeters aangegeven, wat natuurlijk makkelijk is als je de lengte van je ketting hebt opgemeten om je hals.

Deze artikelen zijn natuurlijk allemaal te koop in onze webshop.

Voordat je een sieraad gaat maken moet je natuurlijk beslissen welke techniek je gaat gebruiken. Er zijn verschillende mogenlijkheden;
  • Rijgen op draad
  • Kettelen
  • Haken met kralen
Rijgen op draad
Hiervoor heb je natuurlijk kralen nodig. De kralen hoeven niet per se hetzelfde formaat te hebben en maak je een sieraad in een bepaalde kleur, hoeven de kleuren niet precies hetzelfde te zijn. Met een beetje kleurverschil is het sieraad vaker te dragen.

Verder heb je draad nodig. Zelf gebruik ik meestal gecoat staaldraad, omdat dat het stevigst is. Het is ook nikkelvrij omdat er een laag nylon overheen zit. Let er wel op als je nikkelvrij wilt hebben dat je ook je alle andere materialen nikkelvrij besteld en dat je het uiteinde zo afwerkt dat je staaldraad goed weggewerkt is. Het staaldraad is er in verschillende kleuren en diktes.

Ook heb je knijpkraaltjes nodig om het staaldraad af te werken.Je kunt dan je staaldraad wegwerken door het terug te steken in de kralen of met 2 knijpkraaltjes.

Rijg daarvoor aan het uiteinde 2 knijpkraaltjes en rijg de draad terug door het laatst geregen knijpkraaltje, zodat er een lusje is. Knijp deze knijpkraal vast en knip hem zo kort mogelijk af. Duw de overgebleven knijpkraal over het kleine stukje uiteinde van het draad en knijp de kraal dicht, zodat het kriebelende uiteinde vast zit in de laatst dichtgeknepen knijpkraal.

Maak er nu met ringetjes (oogjes) een slotje aan vast.

Kettelen
Als je wilt gaan kettelen, rijg je eerst de kralen die je wilt gaan gebruiken op kettelstiftjes. Je laat dan ongeveer 1 cm over en knipt dan de resterende lengte van het kettelstiftje af. Met je rondbektang maak je van het afgeknipte uiteinde een mooi rondje zoals aan het andere uiteinde ook zit. Je kunt onder het gemaakte rondje een klein knikje geven zodat het rondje mooi boven het kettelstiftje komt.

Vervolgens maak je de kettelstiftjes met een ringetje (oogje) en de 2 platbektangen aan elkaar.

Je kunt er ook nog voor kiezen om aan het ringetje (oogje) een of meerdere nietstiftjes te hangen met kraaltjes. Die maak je op dezelfde manier als de kettelstiftjes, maar dan met nietstiftjes. Vervolgens hang je die aan het ringetje (oogje) voordat je het ringetje (oogje) sluit.

Nog een andere manier van ketttelen is dat voordat je je kettelstiftje sluit je er een nieuw kettelstiftje aan haakt, zodat je geen ringetjes (oogjes) nodig hebt.

In de webshop kun je het verschil bekijken tussen een kettel-en een nietstiftje.

Haken met kralen
Je hebt ongeveer 10 meter staaldraad nodig, kralen in allerlei maten en een haaknaald. Afhankelijk van hoe strak je haakt een haaknaald nr 2.5-4. Verder heb je knijpkraaltjes nodig, ringetjes (oogjes) en een slotje.
In plaats van gecoat staaldraad kun je natuurlijk ook ander draad of bv leer kiezen.

Rijg zoveel kralen aan het draad die je denkt te gaan gebruiken. Begin dan met haken. Maak een beginlusje en haak eerst een paar gewone steken voordat je een kraal meehaakt. Duw dan een kraal tegen de haaknaald aan en haak deze gewoon met de draad mee. Vervolgens herhaal je dit zovaak je wilt. Haak ongeveer evenveel steken tussen iedere kraal in. Hoe meer kralen, hoe drukker het sieraad.

Ben je klaar met haken werk dan je haakwerk normaal af.

Je hebt dan een lange ketting gehaakt. Maak aan de uiteindes met 2 knijpkraaltjes een lusje voor het slotje of werk het slotje in het lusje (is alleen lastig mocht het slotje stuk gaan kun je het niet gemakkelijk vervangen).

Rijg aan het uiteinde 2 knijpkraaltjes en rijg de draad terug door het laatst geregen knijpkraaltje, zodat er een lusje is. Knijp deze knijpkraal vast en knip hem zo kort mogelijk af. Duw de overgebleven knijpkraal over het kleine stukje uiteinde van het draad en knijp de kraal dicht, zodat het kriebelende uiteinde vast zit in de laatst dichtgeknepen knijpkraal.

Maak er nu met ringetjes (oogjes) een slotje aan vast.

Wil je niet een lange ketting, maar een met meerdere rijen, dan “vouw” je de lange ketting in 2,3 of 4 stukken en bevestig je ringetjes aan de uiteindes, met een stukje ketting en maak je dan pas het slotje eraan. Je kunt de ketting eventueel ook nog een paar slagen draaien om een voller effect te krijgen.

Succes!